IPO-1

IPO – 1

Onderverdeeld in:
Afdeling A 100 punten
Afdeling B. 100 punten
Afdeling C. 100 punten
Totaal 300 punten.

Toelatingseisen.

Op de dag van het examen 18 maanden en het certificaat VZH conform de nationale regels van de Raad van Beheer.

Afdeling „A“ Speuren.

Spoor gelegd door de HG, minstens 300 passen, 3 rechte benen, 2 hoeken (ca 90°), 2 aan de geleider toebe- horende voorwerpen. Het spoor is minstens 20 min oud. Uitwerkingstijd 15 min.

Uitwerken van het spoor: …………………………………………………….79 punten.
Voorwerpen: 11 + 10 …………………………………………………….21 punten.
Totaal: …………………………………………………..100 punten.

Indien de HD geen VW gevonden heeft kan de kwalificatie maximum „Voldoende“ zijn.

Algemene bepalingen:

De ambterende AK bepaalt aan de hand van het ter beschikking staande terrein het verloop van de sporen. De sporen kunnen verschillend van vorm te zijn. De hoeken en de voorwerpen mogen op de verschillende sporen niet op dezelfde plaats gesitueerd of neergelegd worden. De aanzet van het spoor dient door een speurpaaltje aangeduid te worden. Dit speurpaaltje dient steeds links van het vertrekpunt van het spoor in de grond geplant te worden. De volgorde van aantreden worden door loting en in het bijzijn van de AK bepaald.

Geschikte ondergrond.

Als geschikte ondergrond komen alle natuurlijke oppervlakten zoals, gras, akker en bos in aanmerking. Zichtsporen zijn voor zover mogelijk te vermijden. In alle klassen zijn aanpassingen aan de ter beschikking staande terreinen door wisselende ondergrond mogelijk.

Leggen van het spoor.

De ambterende AK zal:

-het spoorverloop indelen,

-de Sl instrueren,

-het leggen van de sporen controleren.

Het verloop van de sporen is aan het ter beschikking zijnde terrein aan te passen.

De sporen dienen in een natuurlijk pas gelegd te worden. Het is de SL (HG) niet toegestaan om in de hoe- ken, op de rechte lijnen, bij de VW zijn wijze van lopen aan te passen om hulp te geven aan de HD.

De HG (spoorlegger) dient voor het leggen van het spoor de voorwerpen te tonen aan de AK. De (eigen) voorwerpen zijn minimaal 30 min voor aanvang in het bezit van de HG (spoorlegger).

De HG (spoorlegger) verblijft korte tijd op de aanzet van het spoor en gaat vervolgens in normale pas in de aangewezen richting.

De rechte lijnen zijn in normale pas te leggen zonder te onderbreken of met de voeten te schuifelen. De afstand tussen de verschillende benen dient ten minste 30 passen te bedragen.

De hoeken worden eveneens in normale pas gelegd waarbij het voor de HD mogelijk moet zijn doorlopend te blijven speuren en over te gaan op het volgende been. Treuzelen of stilstaan is niet toegestaan. Een onderbreking van het spoor is niet toegestaan. Tijdens het leggen van het spoor moet de HD uit het zicht zijn.

Leggen van de voorwerpen.

Het eerste voorwerp wordt gelegd na ten minste 100 passen, en niet binnen de 20 passen voor of 20 passen na een hoek op het eerste of het tweede been, het tweede voorwerp wordt aan het einde van het spoor gelegd. De voorwerpen moeten in de beweging op het spoor neergelegd worden. Na het leggen van het laatste voorwerp moet de HG (spoorlegger) nog enige passen in dezelfde richting verder gaan.

Voorwerpen.

Er mogen alleen door de SL (HG) minstens dertig minuten bij zich gedragen voorwerpen gebruikt worden. De op een spoor gebruikte voorwerpen moeten van verschillende samenstelling zijn (leder, textiel, hout). De afmetingen van de voorwerpen zijn: 10 cm. lang, 2 à 3 cm. breed, en 0.5 tot 1 cm. dik. Hun kleur mag niet wezenlijk verschillen van de bodem.

Bij grotere evenementen moeten de VW van nummers worden voorzien. Deze moeten overeenstemmen met het nummer op de speurplaat. De AK, SL en begeleidende personen mogen tijdens het werken van de HD niet vertoeven op die plaatsen waar de HD en de HG, volgens het reglement, het recht hebben om te zoeken.

Commando

Een commando voor :”zoeken“

Het commando, “zoek”, is toegestaan bij het begin van het spoor, bij het aanzetten na het eerste voorwerp en na eventueel vals verwijzen.

Uitvoering en beoordeling van het speurwerk.

De HG bereidt zijn HD voor op het speuren. De HD kan vrij zoeken of aan een lijn van 10 m. De 10 m lange lijn kan over de rug, zijdelings, tussen de voorpoten en/of tussen de achterpoten gedragen worden. De lijn mag ook aan de, niet op strop ingestelde, halsketting bevestigd worden. Tevens is het toegestaan de volgende speurtuigen te dragen: speurharnas of bütcher, zonder bijkomende riemen.

Na te zijn opgeroepen meldt de HG zich met zijn HD in basispositie bij de AK en geeft aan of zijn HD verwijst of opneemt. Voor aanvang van het speuren, gedurende de aanzet en tijdens het speuren is elke vorm van dwang verboden.

De lijn is ten minste 10 mtr. lang. Het eventueel controleren van de lijn, halsketting en speurtuig dient voor aanvang van het speuren te gebeuren. Mechanische rollijnen zijn niet toegelaten.

Aanzet.

Op aanwijzing van de AK brengt de HG de HD langzaam en rustig naar de aanzet en zet de HD aan. Kort zitten, ongeveer twee meter voor de vertrekplaats is toegestaan.

De aanzet, ook bij het opnieuw aanzetten bij de VW, moet in de directe omgeving van de HD gebeuren. Een kleine speelruimte is de HG toegestaan. De HD moet bij de aanzet met diepe neus intensief geur opnemen. Dit dient zonder tussenkomst van de HG te gebeuren. (enkel het commando “zoek” is toegestaan). De aanzet is niet tijdsgebonden, veeleer moet de AK zich op het eerste been overtuigen van de kwaliteit van het vertrek en de geuropname.

Indien bij het vertrek 3 commando’s worden gegeven zonder dat de HD hier gevolg aan geeft, wordt het speuren afgebroken.

De HD moet vervolgens met diepe neus en intensief, in een gelijkmatig tempo het spoor volgen. De HG volgt zijn HD op 10 m afstand. Bij vrij zoeken moet deze afstand van 10 m ook aangehouden worden. De lijn mag de grond raken of doorhangen, de afstand tussen de HG en de HD mag echter niet beduidend korter worden.

Zoekwerk.

De HD moet het verloop van het spoor intensief, volhardend en in een zo gelijkmatig mogelijk tempo ( afhankelijk van de ondergrond, moeilijkheidsgraad) volgen. De HG behoeft niet noodzakelijk op het spoor te blijven, (bijvoorbeeld in de hoeken). Het tempo tijdens het zoeken is geen criterium bij de beoordeling zolang het uitwerken van het spoor gelijkmatig, intensief en overtuigend gebeurt.

Hoeken.

De HD moet de hoeken zeker uitwerken. Overtuigen zonder het spoor te verlaten is niet fout. Cirkelen op de hoeken is fout. Na de hoek moet de HD in gelijkmatig tempo verder werken. In de omgeving van de hoeken moet de HG indien mogelijk de voorgeschreven afstand behouden.

Verwijzen of apporteren van de Voorwerpen.

Zodra de HD een voorwerp gevonden heeft moet hij dit zonder inwerken van de HG, onmiddellijk opnemen of overtuigend verwijzen. Hij kan bij het opnemen, blijven staan, gaan zitten of naar zijn HG toegaan welke op dat ogenblik moet blijven staan Verder gaan met het VW of liggend opnemen is foutief. Het verwijzen kan liggend staand of zittend gebeuren, (mag ook wisselend).

Licht scheef liggen bij het VW is niet foutief. Sterk zijdelings naast het VW liggen of in de richting van de HG draaien is foutief. VW welke met sterke hulp van de HG gevonden worden gelden als overlopen. Dit is bijvoorbeeld het geval indien de HD het VW niet aangeeft en door inwerking met de lijn of stemhulp de HD belet verder te zoeken. Heeft de HD het VW verwezen, dan laat de HG de lijn vallen en begeeft zich naar zijn HD. Door het omhoog steken van het VW geeft de HG aan dat het VW gevonden is. Opnemen en verwijzen is fout. Indien de HD het VW brengt mag de HG deze niet tegemoet gaan. Wanneer de HG zich bij zijn HD vervoegt na het opnemen of verwijzen moet hij zich naast zijn HD opstellen.

De HD moet zich tot het opnieuw aanzetten, in de verwijs- of in de opnamepositie, rustig gedragen. Hierna wordt de HD, vanuit deze positie, met korte lijn terug aangezet.

Verlaten van het spoor.

Indien de HD het spoor met meer dan 1 lijn lengte verlaat (bij vrij zoeken meer dan 10 mtr.) wordt het speuren afgebroken. Indien de HD het spoor verlaat en wordt tegen gehouden door de HG, dan volgt een aanwijzing van de AK om de HD te volgen. Wordt deze aanwijzing van de AK niet opgevolgd, dan wordt het speuren eveneens afgebroken.

Belonen van de HD

Het af en toe prijzen van de HD, waartoe niet het commando “Zoek” behoort, is uitsluitend bij IPO I toege- laten. Bij de VW kan de HD kort beloond worden.

Afmelden.

Na beëindigen van het spoor toont de HG aan de AK de gevonden voorwerpen. Spelen of voeren van de HD na het afmelden en vooraleer de punten zijn bekend gemaakt door de AK is niet toegestaan. Het afmelden dient in BP te gebeuren.

Beoordeling.

Het beoordelen door de AK vangt aan op het ogenblik dat de HD wordt aangezet. Van de HD verwachten we een intensieve, gemotiveerde arbeid zoals verwacht op dit niveau van de opleiding. De HG moet zich in het werk van de HD inleven, hij moet de reacties van de HD correct interpreteren, zich concentreren op het werk van de HD en zich niet door zijn omgeving laten afleiden.

De AK zal niet enkel de HG of de HD zien, hij dient rekening te houden met een aantal factoren, de toestand van het terrein, het weer, mogelijke verleidingen en uiteraard de factor tijd. Zijn waardering moet getoetst zijn aan alle mogelijk vormen van invloeden.

-Zoekgedrag (voor wat betreft het tempo op de strekken, en voor en na de hoeken, en voor en na de VW).

-Opleidingsniveau van de HD (voor wat betreft hectische aanzet, gedrukt, mijdgedrag etc.).

-Niet toegelaten hulp door de HG.

-Moeilijkheden tijdens het uitwerken door:

o Bodemgesteldheid (vervuilt, zand, bodemwisseling etc.).

o Gedrag bij wind.

o Aanwezigheid van wild (reactie).

o Weer, (hitte, koude, regen, sneeuw).

o Veranderende weersomstandigheden.

Bij de waardering dient met deze zaken rekening gehouden te worden.

Vanaf het ogenblik dat de HG zich heeft aangemeld voor het speuren dient de AK zich zodanig op te stellen dat hij het speurwerk kan volgen en hij eventuele invloeden, inwerkingen en extra commando’s herkennen kan. De afstand tot de werkende HD moet zodanig zijn dat de HD en HG in hun zoekwerk niet gehinderd worden. De AK moet het totale speuren meebeleven.

Hij moet beoordelen met welke speurdrift, zelfverzekerdheid eventueel onzekerheid de HD zijn werk uitvoert.

De snelheid tijdens het zoeken is geen criterium bij de beoordeling zolang het uitwerken van het spoor gelijk- matig, intensief en overtuigend gebeurt. De HD dient hierbij een positief zoekgedrag te tonen.

Overtuigen zonder het spoor te verlaten is niet foutief.

Treuzelen, hoge neus, zwalken, cirkelen op de hoeken, fout verwijzen, aanhoudend belonen, invloeden met de lijn of verbale hulp in bereik van de VW , foutief opnemen of verwijzen van voorwerpen, zijn als foutief te beoordelen en leiden tot punten aftrek. (tot 4 punten)

Sterk treuzelen, speuren zonder intensiviteit, onstuimig speuren, muizen vangen etc. hebben tot 8 punten aftrek tot gevolg. Indien de HD het spoor met meer dan 1 lijn lengte verlaat wordt het speuren afgebroken. Indien de HD het spoor verlaat en wordt tegen gehouden door de HG, dan volgt een aanwijzing van de AK om de HD te volgen. Wordt deze aanwijzing van de AK niet opgevolgd, dan wordt het speuren afgebroken. Is binnen de uitwerkingstijd tijd (IPO I – II = 15 min.) na de aanzet (IPO III = 20 min.) het einde van het spoor niet bereikt, dan dient het speuren afgebroken te worden. De arbeid tot op het ogenblik van afbreken wordt dan beoordeeld.

Opnemen en verwijzen van de voorwerpen is foutief. Beoordeeld worden enkel die VW welke door de HD aangeduid worden zoals door de HG mede gedeeld aan de AK.

Vals verwijzen heeft invloed in de beoordeling van het op dat ogenblik bereikte gedeelte van het spoor, (voorbeeld: niet door de SL neergelegd VW, geen VW etc.) en heeft een aftrek tot 4 punten tot gevolg, als de aanzet bij de hond wordt uitgevoerd en 2 punten als de HG aan het eind van de lijn blijft staan en de hond opnieuw aanzet.

Voor niet gevonden VW worden geen punten toegekend. Indien geen enkel VW gevonden wordt is de afd. A maximaal met “Voldoende” te waarderen. Hierbij is overwogen dat bij het niet vinden van een VW de HD het onderdeel, “Aanzetten bij een VW” niet kan tonen.

Indien de HD tijdens het speuren wild achterna wil jagen dan kan de HG het commando „af“ geven en de HD onder controle nemen. Op aanwijzing van de AK kan het speuren voortgezet worden. Indien dit niet lukt is het speurwerk af te breken (DK wegens ongehoorzaamheid).

Afbreken/Diskwalificatie.

Gedrag:

De HD wordt aan het vertrek 3 X zonder gevolg aangezet

Gevolg:

Afbreken.

Gedrag:

Alle klassen: HD verlaat het spoor met meer dan een lijnlengte of de HG misacht de aanwijzing van de AK de HD te volgen. Gevolg: Afbreken, de tot dan toe getoonde arbeid wordt gewaardeerd. Bespreking tot aan het afbreken. Het einde van het spoor wordt binnen de toegestane tijd niet gehaald. klas 1: 15 Minuten na de aanzet

Gevolg:

Afbreken, de tot dan toe getoonde arbeid wordt gewaardeerd.

Bespreking tot aan het afbreken!

Gedrag:

De HD neemt het VW op en geeft dit niet meer af.- De HD gaat wild achterna en laat zich niet meer inzetten

Gevolg:

Diskwalificatie wegens ongehoorzaamheid.

Spoorvormen

De hieronder getoonde vormen kunnen ook in spiegelbeeld worden gelegd.

IPO 1 en 2

IPO1 Afdeling „B“ Gehoorzaamheid
Oefening 1: Vrij volgen 20 punten
Oefening 2: Zit uit de beweging 10 punten
Oefening 3 Afleggen met voor roepen 10 punten
Oefening 4: Apporteren over de grond 10 punten
Oefening 5: Apporteren over de haag 15 punten
Oefening 6: Apporteren over de schuine wand 15 punten
Oefening 7: Vooruit zenden met afliggen 10 punten
Oefening 8: Afleggen onder afleiding 10 punten
Totaal 100 punten

Algemene bepalingen:

Bij IPO 1 meldt de HG zich aan bij de AK in de basispositie met aangelijnde HD. Daarna wordt de HD afge- lijnd.

In de afd. B moet in het bijzonder gelet worden op het feit dat er geen honden worden voorgebracht welke door africhtingmethoden geen zelfvertrouwen meer hebben en nog slechts als “Sporttoestel” van de HG te herkennen zijn.

Tijdens alle oefeningen is een vrolijk werkende HD gepaard gaande met een gewenste concentratie op de HG gewenst. Dat bij dit opgewekte werk ook de correcte uitvoering van belang is moet tot uiting komen in de kwalificaties en naar punten. Indien een HG een volledige oefening vergeet zal de AK hem zonder pun- tenaftrek hierop wijzen en de oefening alsnog laten uitvoeren.

Voor het begin van de afd. B moet de AK alle, in het IPO voorgeschreven toestellen hebben gecontroleerd. De toestellen moeten conform het IPO reglement aanwezig zijn.

De tijdens het “Vrij volgen” en “Afleggen met afleiding” gebruikte revolver(s) hebben het kaliber 6mm.

De AK geeft de aanwijzing voor begin van de oefening. Verder worden, keerwendingen, halt houden, tempowisseling enz. zonder aanwijzing uitgevoerd.

De commando’s zijn in het reglement voorgeschreven, het zijn normaal gesproken, korte, uit één woord bestaande bevelen. Ze kunnen in iedere taal worden gegeven maar, moeten gedurende het gehele examen hetzelfde zijn. Voert een HD na 3 commando’s een oefening of een deel van een oefening niet uit, dan wordt de oefening, zonder waardering afgebroken. Bij het voorroepen kan in de plaats van het commando

“Hier” de naam van de HD gebruikt worden. De naam van de HD in verbinding met “Hier” geld als een dubbel commando.

Aanvang oefening:

De AK geeft een aanwijzing bij het begin van de oefening.

Basispositie (BP)

De basispositie is in te nemen op het ogenblik dat de tweede HG, die zijn HD naar de aflegplaats voert, de BP aangenomen heeft voor de oefening “Afleggen met afleiding”. Vanaf dit ogenblik begint voor beide teams de beoordeling.

Elke oefening begint en eindigt met de BP. In de BP staat de HG in sportieve houding. De houding met gespreide benen is bij alle oefeningen verboden.

In de basispositie, welke in voorwaartse beweging slechts eenmaal toegelaten is, zit de HD kort en recht naast het linkerbeen van de HG, zodanig dat zijn schouder ter hoogte van de knie van de HG is. Het innemen van de basispositie is voor een oefening slechts eenmaal toegestaan. Een kort belonen is na iedere oefening en enkel in de basispositie toegestaan. Daarna kan de HG een nieuwe basispositie innemen. In ieder geval moet tussen elke beloning en het begin van een nieuwe oefening een duidelijk tijdverschil zitten van ten minste 3 sec.

Vanuit de basispositie volgt de zogenaamde ontwikkeling van de oefening. De HG dient minstens 10 en hoogstens 15 passen te tonen alvorens het commando te geven. Tussen de delen van de oefening voorzitten en het aan de voet gaan alsmede bij het ophalen van de zittende, staande of afleggende HD moeten duidelijke pauzes getoond worden, (ca 3sec.)

Bij het ophalen van zijn HD kan de HG zijn HD van voren naderen of achterom gaan.

Fouten in de basispositie en/of ontwikkeling hebben invloed op de totale beoordeling van de oefening.

Het vrij volgen is bij eventuele noodzakelijke verplaatsingen tussen de oefeningen verplicht. Ook bij het ophalen van de apporteerblokken moet de HD los meegevoerd worden. Uitlokken tot spel is niet toegestaan.

De keerwending is door de HG naar links uit te voeren. De HD kan bij de keerwending achter de HG om naar rechts door draaien of bij naar links met de HG meedraaien. De uitvoering moet tijdens de oefening steeds dezelfde zijn.

Na het voorzitten bij het voorkomen kan de HD achterom of voorlangs in de basispositie komen.

De vaste sprong heeft een hoogte van 100 cm. en een breedte van 150 cm. De klimschutting bestaat uit twee bovenaan verbonden delen van 150 cm. breed en 191cm. hoog. Op de bodem staan deze beide delen zover uit elkaar dat de verticale hoogte van de wand 180 cm. bedraagt. Het gehele vlak van de schuine wand dient met antislip bekleed te zijn. In de bovenste helft van de wand zijn aan beide zijden 3 latten aangebracht, (24/48mm). Alle honden op een examen dienen dezelfde hindernis te gebruiken.

Bij het apporteren zijn enkel apporteerblokken toegelaten. Deze blokken dienen door de organisator ter beschikking te worden gesteld en zijn verplicht te gebruiken. Voor het apporteren mogen de blokken de HD niet vooraf in de bek gegeven worden.

Indien de HG een oefening vergeet, zal de AK hem hierop wijzen en de oefening laten uitvoeren zonder punten hiervoor af te trekken.

Indeling van de oefeningen:

Tweedelige oefeningen zoals “Zit uit de beweging” “Afleggen met voorroepen” “Staan in normale pas” “Staan uit looppas” kunnen in twee delen worden opgedeeld.

De opdeling is als volgt:
a) “Basispositie – Ontwikkkeling – Uitvoering” = 5 punten
b) “Het verdere verloop van de oefening tot afsluitende basispositie” = 5 punten

Het beoordelen van het gedrag van de HD begint bij de BP en eindigt bij de afsluitende BP.

Extra commando’s:

Indien een HD na het derde commando de oefening niet uitvoert, dan is deze oefening met 0 punten te waarderen. Voert een HD na het derde commando een deel van de oefening uit, dan is de oefening maximaal met de hoogste “Onvoldoende” te waarderen.

Bij het voorroepen van de HD kan het commando “Hier”, vervangen worden door de naam van de HD. De naam van de HD in verbinding met het commando “Hier” geldt als extra commando.

Aftrek: 1 extra commando voldoende voor dit deel v/d oefening
2de extra commando onvoldoende voor dit deel v/d oefening
Voorbeeld: 5 punten oefeningen:
1 extra commando : voldoende op 5 ptn. = – 1.5 ptn.
2de extra commando : onvoldoende op 5 ptn. = – 2.5 ptn.

Tussen de verschillende delen van een oefening (bijvoorbeeld voorzitten en in basispositie gaan) is, alvorens het volgende commando te geven een duidelijke pauze van 3 sec aan te houden.

Als de HD welke gaat afliggen de plaats van af liggen bereikt heeft en de HG daar de basispositie heeft inge- nomen, moet de HG welke zal aanvangen met vrij volgen de basispositie hebben ingenomen.

1. Vrij volgen 20 Punten

a) Een commando: “Volg of Voet”.

Het commando is de HG alleen toegestaan bij het vertrek en bij de tempowisselingen.

b) Uitvoering.

De HG gaat met zijn aangelijnde HD naar de AK, laat zijn HD aan de voet zitten, en stelt zich voor. Na het melden wordt de HD op aanwijzing van de AK afgelijnd en begeeft de HG zich met zijn vrij volgende HD naar de startpositie.

Vanuit de basispositie moet de HD op commando van de HG, opmerkzaam, vrolijk en correct volgen, met het schouderblad ter hoogte van de linker knie van de HG. Bij het halt houden moet hij zelfstandig, snel en correct gaan zitten. Bij het begin van de oefening gaat de HG met zijn HD 50 passen, zonder halt te houden, rechtuit, na de keerwending en na 10 à 15 passen, moet de HG de looppas en de langzame pas tonen. (telkens ten minste 10 passen) De overgang van looppas naar langzame pas dient zonder overgang in gewone pas te gebeuren. De verschillende tempowisselingen moeten zich duidelijk, in uitvoering, van elkaar onderscheiden. In normale pas zijn vervolgens, ten minste twee rechtse, een linkse wending en een keerwending uit te voeren (bijgevoegd schema is aan te houden). Het halt houden is ten minste één maal in normale pas te tonen na de tweede keerwending. De keerwending is door de HG linksom uit te voeren, 180 graden. Hierbij zijn twee varianten mogelijk:

1.De HD gaat met een rechtswending achterom de geleider;

2.De HD maakt een linker keerwending van 180 graden op de plaats.

Tijdens het examen is maar één variant toegestaan.

Het halthouden is tenminste een keer tijdens de normale pas na de tweede keerwending te tonen.

Tijdens het eerste rechte stuk “vrij volgen” dienen twee schoten te worden gegeven (kaliber 6mm). Tussen de schoten zijn 5 seconden aan te houden.

De schoten worden gelost op ten minste 15 passen afstand van de HD. De HD moet zich schotvast tonen, toont de hond zich schotschuw volgt diskwalificatie, er worden geen punten vermeld in het logboek. Aan het einde van de oefening gaat de HG op aanwijzing van de AK door een bewegende groep van ten minste vier personen. De HG dient met zijn HD ten minste bij 1 persoon linksom en een andere persoon rechtsom te gaan en ten minste één maal halt te houden in de groep. Het is de AK toegestaan om deze oefening te laten herhalen. De HG met zijn HD verlaat de groep en neemt de BP aan. Deze eind basis positie is het beginpunt voor de volgende oefening.

c) Beoordeling: (geldig voor gewone-, langzame- en looppas)

Voordringen, zijdelings afwijken, achterblijven, langzaam of traag zitten bij het halt houden, extra commando’s, lichaamshulp, onopmerkzaamheid van de HD in de keerwendingen, tijdens de verschillende passen en gedrukt volgen leiden tot punten aftrek.

2. Zit uit de beweging 10 punten.

a)Commando‘s: “Volg of Voet” en “Zit”.

b)Uitvoering.

Vanuit een correcte basispositie gaat de HG met zijn vrij volgende HD rechtuit. In de ontwikkeling moet de HD zijn HG attent,opgewekt, correct en geconcentreerd volgen. Na 10 à 15 passen moet de HD op het commando “Zit” direct, snel en in de looprichting gaan zitten, dit zonder dat de HG zijn pas veranderd, on- derbreekt of omkijkt. Na nogmaals 15 passen blijft de HG staan en draait zich onmiddellijk om naar zijn rustig zittende HD. Op aanwijzing van de AK gaat de HG naar zijn HD en stelt zich aan zijn rechter zijde op. Daarbij kan hij van voor of achterlangs zijn HD gaan.

c) Beoordeling.

Fouten in de BP, ontwikkeling, langzaam zitten, onrustig, onopmerkzaam zitten, leiden tot punten aftrek. Als de HD niet zit, maar gaat liggen of blijft staan zijn hiervoor 5 punten af te trekken. Bijkomende fouten zijn alsnog te beoordelen.

3. Afleggen met voorroepen. 10 punten.

a)Commando: “Volg of Voet”,”Af”, “Hier”, “Voet”.

b)Uitvoering.

Vanuit een correcte basispositie gaat de HG met zijn vrij volgende HD rechtuit. In de ontwikkeling moet de HD zijn HG attent, opgewekt, correct en geconcentreerd volgen. Na 10 à 15 passen moet de HD op het commando “Af” , direct, snel en in de looprichting gaan liggen, dit zonder dat de HG hierbij zijn pas veranderd, onderbreekt of omkijkt. Na nogmaals 30 passen blijft de HG staan en draait zich onmiddellijk naar zijn rustig liggende HD om. Op aanwijzing van de AK geeft de HG het commando “ Hier”, of de naam van de HD”, De HD moet snel, vrolijk en direct komen en recht, midden voor de HG gaan zitten. Op het commando “Voet” dient de HD snel en recht naast het linker been van de HG te gaan zitten.

c) Beoordeling.

Fouten in de ontwikkeling, langzaam gaan liggen, langzaam komen bij voorroepen, vertragen bij het voorkomen, houding corrigeren van de HG , fouten bij het voorzitten en bij het aan voet gaan, leiden tot punten aftrek. Zit of staat de HD na het commando, dan worden hiervoor 5 punten afgetrokken.

4. Apporteren over de grond. 10 punten.

a)Commando‘s, “Apport”, “Los”, “Voet”.

b)Uitvoering.

Vanuit een correcte basispositie werpt de HG een apporteerblok, (gewicht, 650gram), ongeveer 10 m ver weg.

Het commando “ Apport” mag pas gegeven worden op het ogenblik dat het apporteerblok stil ligt.

Een veranderen van basispositie van de HG is niet toegestaan. De rustig en vrij naast de HG zittende HD moet op het commando “ Apport” snel en correct naar het apporteerblok toe lopen, direct opnemen en snel en direct brengen. De HD moet snel, dicht en recht voor zijn HG gaan zitten en het apporteerblok zo lang, rustig in de bek houden (ca 3 sec.) tot de HG met het commando “los” hem het apporteerblok afneemt. Het apporteerblok moet na het afnemen, met naar onder uitgestrekte arm, rustig, naast de rechter zijde van het lichaam worden gehouden. Op het commando “ Voet” dient de HD snel en recht naast de linker zijde van de HG te gaan zitten. De HG mag gedurende het gehele verloop van deze oefening zijn basispositie niet verlaten.

c) Beoordeling.

Fouten in de basispositie, langzaam naar het apporteerblok toe lopen, fouten bij het opnemen, langzaam terug komen, laten vallen van het apporteerblok, spelen of knagen met en op het apporteerblok, verplaatsen van de HG (o.a. spreidstand aannemen), fouten bij het voorzitten en afsluiten van de oefening, leiden tot punten aftrek. Verlaat de HG zijn basispositie voor het afsluiten van de oefening wordt de oefening met onvoldoende gewaardeerd. Brengt de HD niet, dan worden 0 punten toegekend.

5. Apporteren over de hindernis van 100cm. 15 punten.

a)Commando voor, “Hoog”, “Apport”, “Los”, “Voet”.

b)Uitvoering.

De HG neemt met zijn HD op ten minste 5 passen voor de hindernis de basispositie in. Vanuit de correcte basispositie werpt de HG het apporteerblok, (gewicht, 650gram), over de 100 cm. hoge hindernis. Het commando ”Hoog” zal pas dan gegeven mogen worden op het moment dat het apporteerblok volledig stil ligt. De rustig, vrij aan de voet zittende HD moet op het commando “Hoog” en “Apport”, (het commando “Apport” moet tijdens het springen gegeven worden) over de hindernis heen springen, snel, correct en direct naar het apporteerblok toe lopen, direct opnemen, onmiddellijk terug springen. De HD moet snel, dicht en recht voor de HG gaan zitten en het apporteerblok zo lang, rustig in de bek houden,( ca 3 sec.) tot de HG met het commando “Los” , hem het apporteerblok afneemt. Het apporteerblok moet na het afnemen, met naar onder uitgestrekte arm, rustig, naast de rechter zijde van het lichaam worden gehouden. Op het commando “Voet”, dient de HD snel en correct naast de linker zijde van de HG te gaan zitten. De HG mag gedurende het gehele verloop van deze oefening zijn basispositie niet verlaten.

c) Beoordeling.

Fouten in de basispositie, langzaam en of krachtloos (timen) springen en naar het blok toe lopen, fouten bij het opnemen, langzaam terug springen, laten vallen, spelen of knagen, corrigeren van de houding door de HG (o.a. spreidstand aannemen), fouten bij voor zitten en afsluiten van de oefening, leiden tot punten aftrek. Voor het raken van de hindernis worden per sprong, voor raken max. 1 punt en voor afzetten max. 2 punten afgetrokken.

Opdeling der punten.

Heensprong Apporteren Terugsprong
5 Punten 5 Punten 5 Punten

Een gedeelte van de punten wordt toegekend bij de volgende situaties, 2 onderdelen werden uitgevoerd

waaronder het apporteren.
Springen en brengen zonder fouten = 15 punten.
Heen of terug sprong niet uitgevoerd, blok foutloos gebracht = 10 punten.
Heen en terug sprong foutloos, blok niet gebracht = 0 punten.

Ligt het apporteerblok te ver uit de richting of, voor de HD slecht zichtbaar, dan kan de HG vragen aan de AK om het opnieuw te mogen werpen. Dit kan ook op aanwijzing van de AK. Dit is toegestaan zonder punten aftrek. Bij het ophalen van het apporteerblok moet de HD rustig blijven zitten. Volgt de HD zijn HG om de hindernis dan is de oefening met 0 punten te waarderen. Verlaat de HD zijn positie maar blijft voor de hindernis dan volgt aftrek met één kwalificatie.

Indien zonder wijziging van de basispositie de HG hulp heeft gegeven aan de HD volgt punten aftrek. Wanneer de HG zijn basispositie verlaat voor het afsluiten van de oefening, dan wordt de oefening met on- voldoende gewaardeerd.

Indien de HD de hindernis omver duwt, is de oefening te herhalen waarbij wij de eerste sprong in de lage onvoldoende (-4) waarderen. Geeft de HD het apporteerblok na het derde commando niet af, dan is de HD te diskwalificeren omdat de afd. B niet voortgezet kan worden.

6.Apporteren over een klimschutting. (180cm hoog) 15 punten.

a)Commando voor, “Hoog”, “Apport”, “Los”, “Voet”.

b)Uitvoering.

De HG neemt met zijn HD op ten minste 5 passen voor de hindernis de basispositie in. Vanuit de correcte basispositie werpt de HG het apporteerblok, (gewicht, 650gram), over de 180 cm. hoge hindernis. Het commando ”Hoog” zal pas dan gegeven mogen worden op het moment dat het apporteerblok volledig stil ligt. De rustig, vrij aan de voet zittende HD moet op het commando “Hoog” en “Apport”, (het commando “Apport” moet tijdens het springen gegeven worden) over de hindernis heen springen, snel, correct en direct naar het apporteerblok toe lopen, direct opnemen en onmiddellijk terug springen.

De HD moet snel, dicht en recht voor de HG gaan zitten en het apporteerblok zo lang, rustig in de bek houden,( ca 3 sec.) tot de HG met het commando “Los” , hem het apporteerblok afneemt.

Het apporteerblok moet na het afnemen, met naar onder uitgestrekte arm, rustig, naast de rechter zijde van het lichaam worden gehouden. Op het commando “Voet”, dient de HD snel en correct naast de linker zijde van de HG te gaan zitten. De HG mag gedurende het gehele verloop van deze oefening zijn basispositie niet verlaten

c) Beoordeling.

Fouten in de basispositie, langzaam en of krachtloos springen (timen) en naar het blok toe lopen, fouten bij het opnemen, langzaam terug springen, laten vallen, spelen of knagen, corrigeren van de houding door de HG (o.a. spreidstand aannemen), fouten bij voor zitten en afsluiten van de oefening, leiden tot punten aftrek.

Opdeling der punten.

Heensprong Apporteren Terugsprong
5 Punten 5 Punten 5 Punten

Een gedeelte van de punten wordt toegekend bij de volgende situaties, 2 onderdelen werden uitgevoerd

waaronder het apporteren.
Springen en brengen zonder fouten = 15 punten.
Heen of terug sprong niet uitgevoerd, blok foutloos gebracht = 10 punten.
Heen en terug sprong foutloos, blok niet gebracht = 0 punten.

Ligt het apporteerblok te ver uit de richting of, voor de HD slecht zichtbaar, dan kan de HG vragen aan de AK om het opnieuw te mogen werpen. Dit kan ook op aanwijzing van de AK.

Dit is toegestaan zonder punten aftrek. Bij het ophalen van het apporteerblok moet de HD rustig blijven zitten. Volgt de HD zijn HG om de hindernis dan is de oefening met 0 punten te waarderen. Verlaat de HD zijn positie maar blijft voor de hindernis dan volgt aftrek met één kwalificatie.

Indien zonder wijziging van de basispositie de HG hulp heeft gegeven aan de HD volgt punten aftrek. Wanneer de HG zijn basispositie verlaat voor het afsluiten van de oefening, dan wordt de oefening met onvoldoende gewaardeerd.

Geeft de HD het apporteerblok na het derde commando niet af, dan is de HD te diskwalificeren omdat de afd. B niet voortgezet kan worden.

7. Vooruitzenden met afliggen. 10 punten.

a)Commando voor, “Volg of Voet”, “Vooruit”, “Af” ”, “Zit”.

b)Uitvoering.

Vanuit de basispositie gaat de HG met zijn vrij volgende HD in de hem aangewezen richting rechtuit. Na 10 à 15 passen geeft de HG, gelijktijdig met een eenmalig opheffen van de arm, het commando“Vooruit” en blijft staan. Hierop moet de HD, doelgericht en snel in een rechte lijn, ten minste 30 passen in de aangewezen richting lopen. Op aanwijzing van de AK geeft de HG het commando “ Af” ,waarop de HD direct moet gaan liggen. De HG mag de arm zolang omhoog houden tot de HD af ligt.

Op aanwijzing van de AK gaat de HG naar zijn HD, plaatst zich rechts naast hem. Na ca 3 sec moet de HD zich, op aanwijzing van de AK en op commando “Zit” van de HG, snel en recht in de basispositie gaan zitten.

c) Beoordeling.

Fouten in de ontwikkeling, meelopen van de HG, te langzaam vooruit lopen, sterke zijwaartse afwijking, te korte afstand afgelegd, traag of vroegtijdig gaan liggen van de HD, onrustig liggen, te vroeg opstaan bij het ophalen, leiden tot punten aftrek.

Hulp geven door de HG leidt tot punten aftrek, o.a. bij het vooruit zenden of het af roepen.

Na de voorgeschreven afstand bereikt te hebben dient de HG op aanwijzing van de AK het commando tot afliggen te geven. Laat de HD zich niet stoppen dan is de oefening met 0 punten te waarderen.

1ste extra commando om te liggen – 1.5 punten.
2de extra commando om te liggen – 2.5 punten.
De HD laat zich stoppen maar legt zich niet na het 2de extra commando – 3.5 punten.

Bijkomende fouten zijn hier bovenop te bestraffen. Verwijderd de HD zich of komt de HG tegemoet dan is de oefening met 0 punten te waarderen.

8. Afleggen met afleiding. 10 punten.

a)Commando voor, “Af” , “Zit”.

b)Uitvoering.

Voor aanvang van afdeling B van een andere HD legt de HG zijn HD met het commando “ Af” op een hem door de AK aangewezen plaats af, de HD blijft achter zonder lijn of één of ander voorwerp.

De HG gaat zonder omkijken, ten minste 30 passen weg van de HD en blijft, in het zicht van de HD, met de rug naar hem toe staan.

De HD moet zonder inwerking van de HG rustig blijven liggen van oef 1 tot en met oef 6. Op aanwijzing van de AK gaat de HG naar zijn HD, en plaatst zich aan zijn rechter zijde. Na ca 3 sec, op aanwijzing van de AK en een commando “Zit” van de HG moet de HD snel en recht in de basispositie gaan zitten.

c) Beoordeling.

Onrustig gedrag van de HG evenals andere verdekte hulp, onrustig liggen van de HD, te vroeg opstaan van de HD bij het ophalen leiden tot punten aftrek. Gaat de HD staan of zitten dan volgt er een gedeeltelijk toekennen der punten. Verwijdert de HD zich van de plaats voor oefening 3 van de werkende HD met meer dan 3 m, dan worden 0 punten toegekend. Verlaat de HD de plaats na oefening 3, dan volgt een gedeel- telijke toekenning van punten. Komt de HD de HG tegemoet bij het ophalen, dan zijn er tot 3 punten af te trekken.

IPO – I. Afdeling C.

Oefening 1: Revieren 5 punten
Oefening 2: Aanblaffen en bewaken 10 punten
Oefening 3: Vluchtverhindering v/d Pakwerker 20 punten
Oefening4: Verdediging van de HD i/d bewakingsfase 35 punten
Oefening5: Aanval op de HD vanuit de beweging 30 punten
Totaal: 100 punten

Algemene bepalingen:

Op een geëigende plaats zijn aan de langste zijden van het terrein, 6 verstekken, 3 aan iedere zijde opgesteld. De noodzakelijke markeringen moeten voor de HG, AK en PW goed zichtbaar zijn.

De PW dient in volledig PW-kleding, jas, broek, bijtarm en soft stok uitgerust te zijn. De bijtarm dient met een overtrek van jutte in natuurkleur te zijn vervaardigt. Wanneer het voor de PW noodzakelijk is de HD in het gezichtsveld te houden hoeft hij niet absoluut stil te staan. Hij zal echter nooit een dreigende houding aannemen en geen afwerende bewegingen maken. Hij dient met de bijtarm zijn lichaam te beschermen.

De manier waarop de HG de PW de stok afneemt, wordt aan de HG over gelaten.

Bij examens kan bij IPO I & II & III met één PW gewerkt worden. Vanaf zeven honden in één klasse moeten er twee pakwerkers ingezet worden. Voor alle honden dienen dezelfde pakwerkers te werken.

Een eenmalige wissel van pakwerkers is toegestaan indien de pakwerker zelf een hond voorbrengt tijdens het examen.

Aanmelden

a)De HG meldt zich met zijn aangelijnde HD in de basispositie bij de AK.

b)Daarna begeeft de HG zich met aangelijnde HD naar het aangewezen punt om te revieren en lijnt de HD af.

c)Vanuit de basispositie zendt de HG zijn HD op aanwijzing van de AK naar het eerste verstek.

Bemerking:

Kan de HG zijn HD niet fatsoenlijk aanmelden, m.a.w. de HD is niet onder controle en loopt bijvoorbeeld naar het verstek waar de PW zich bevindt, dan kan de HG 3 commando’s geven. Komt de HD na deze 3 commando’s niet terug dan wordt de afdeling C afgebroken met de vermelding “Diskwalificatie wegens ongehoorzaamheid”.

Honden die niet in de hand van de HG staan, die na de verdedigingsoefeningen niet of enkel door daad- werkelijke inwerking van de HG tot lossen kunnen worden gebracht, die in andere dan de toegelaten plaat- sen bijten, moeten onmiddellijk gediskwalificeerd worden. Er volgt geen DZB beoordeling.

Markeringen:

De in de reglementen voorgeschreven markeringen moeten voor de HG de AK en de PW goed zichtbaar zijn.

Deze markeringen zijn:

-punt voor de HG bij het uitroepen aan het verstek.

-punt voor de PW waar de vlucht aanvangt.

-positie waar de HD dient af te liggen voor de vlucht.

-punt voor de HG waar hij moet staan voor het afstandstellen.

Indien de HD in de verdedigingsoefeningen te kort schiet of zich laat verjagen, is de oefening C af te breken. Er volgt geen beoordeling, de DZB beoordeling moet worden gegeven.

Het commando voor het lossen is in alle verdedigingsoefeningen 1 maal toegestaan. Waardering voor het lossen, zie onderstaande tabel.

Slecht lossen Eerste extra Eerste extra Tweede extra Tweede extra Niet lossen na tweede
commando met commando commando met commando met extra commando. Verdere
onmiddellijk met slecht onmiddellijk slecht lossen inwerkingen
lossen lossen lossen
0,5 – 3,0 3,0 3,5 – 6,0 6,0 6,5 – 9,0 Diskwalificatie
1. Revieren. 5 punten.

a)Commando voor: “Revier”, “Hier”, (het commando “hier”, mag met de naam van de HD verbonden zijn).

b)Uitvoering.

De PW bevindt zich, voor de HD niet zichtbaar, in het laatste verstek. De HG neemt met zijn aangelijnde HD tussen het vierde en het vijfde verstek plaats, zodanig dat twee zijslagen mogelijk zijn. Op aanwijzing van de AK lijnt de HG zijn HD af en vangt de afd. C aan. Op een kort commando voor het revieren en een visueel teken met de rechter- of de linkerarm welke herhaald mogen worden, moet de HD zich snel van de HG verwijderen en doelmatig het vijfde verstek kort omlopen.

Als de HD het verstek heeft omlopen roept de HG met een commando “ hier” de HD in zijn richting en stuurt hem met een nieuw commando “ Revier”, in de beweging naar het verstek met de PW. De HG beweegt zich in normale pas over de denkbeeldige middenlijn, welke hij tijdens het revieren niet mag verlaten. De HD moet zich steeds voor de HG bevinden. Als de HD het verstek bereikt heeft moet de HG blijven stilstaan. Commando’s en zichtbare tekens, zijn op dat ogenblik niet meer toegestaan.

c) Beoordeling.

Passiviteit, ondoelmatig of te ruim revieren, leiden tot punten verlies.

Foutief is:

-onrustig in de basispositie bij aanvang van de oefening.

-extra commando’s of zichtbare lichaamshulp.

-niet aanhouden van de middenlijn door de HG.

-niet aanhouden van de normale pas.

-wijd rond de verstekken.

-zelfstandig revieren, zonder op de commando’s van de HG te reageren.

-verstekken worden niet of onopmerkzaam omlopen.

-de HD moet zich beter laten leiden.

Indien de HD na een derde maal te zijn gezonden de PW niet kan vinden is afd. C te beëindigen. Indien de HG in de loop van de oefening de HD aan voet neemt, is de afd. C af te breken. De vermelding in het (ras)hondenlogboek is “Afgebroken”, er worden voor afd. C geen punten toegekend, alle tot dan toe verworven punten blijven toegekend.

2. Stellen en aanblaffen. 10 Punten

a) Commando voor: “Hier en Voet” of „Ophalen“.

Het commando voor “Hier” en “Voet” gaan moet als één samenhangend commando gegeven worden.

b) Uitvoering.

De HD moet de PW actief en opmerkzaam bewaken en aanhoudend aanblaffen. De HD mag de PW niet aanstoten, belasten of bijten. Op aanwijzing van de AK gaat de HG, na een aanblaf periode van ongeveer 20 sec. tot op 5 passen van het verstek achter de hond staan. Op aanwijzing van de AK kan de HG zijn HD aan de voet roepen of als alternatief met het commando “Volg of Voet” vrij volgend uit het verstek op halen en naar de markering voor het uitroepen brengen. Beide varianten worden identiek beoordeeld.

Op aanwijzing van de AK vordert de HG de PW uit het verstek. De PW begeeft zich in normale pas naar een gemarkeerd punt. De hond moet hierbij rustig, recht en opmerkzaam in de basispositie blijven zitten.

c) Beoordeling.

Handelingen en /of gedragingen waardoor het aanhoudend gewenst aanblaffen en intensief bewaken, tot het roepen of ophalen, worden beïnvloed, reacties van de HD op de AK of de aankomende HG, leiden tot punten aftrek.

Voor aanhoudend blaffen worden 5 punten toegekend. Indien de HD niet aanhoudend blaft worden tot 2 punten afgetrokken, blijft de niet blaffende HD opmerkzaam bewakend bij de PW worden 5 punten afge- trokken. Bij licht aanstoten van de PW moeten tot 2 punten, bij inbijten tot 9 punten afgetrokken worden.

Indien de HD inbijt en niet zelfstandig los laat geeft de AK de aanwijzing aan de HG om op het marke- ringspunt voor het uitroepen te komen staan. Met een eenmalig commando “Hier-Voet” (in geen geval het commando “Los”) moet de HG de HD aan voet roepen. Komt de HD niet, dan volgt diskwalificatie. Komt de HD alsnog naar de HG dan is de waardering in onderste onvoldoende. (-9 punten) indien de HD op een andere dan de toegestane plaats inbijt (niet aanstoten) volgt diskwalificatie.

Verlaat de HD de PW voor de AK de aanwijzing aan de HG gegeven heeft om de middenlijn te verlaten, dan kan de HD opnieuw naar de PW gestuurd worden.

Blijft de HD hierna bij de PW dan kan afd. C worden voortgezet. Aanblaffen en bewaken wordt dan wel met onvoldoende beoordeeld (- 9 punten).

Laat de HD zich niet meer naar het verstek toe sturen of verlaat hij de PW opnieuw, dan moet de afd. C worden afgebroken. Komt de HD de HG bij het naderen van het verstek tegemoet of komt de HD voor het MB zelfstandig naar de HG, dan volgt een beoordeling met onvoldoende.

Aftrek betreffende het aanblaffen.

Voor aanhoudend aanblaffen worden 5 punten gegeven. Bij zwak aanblaffen (passief en niet energiek ) en/of niet aanhoudend aanblaffen volgt een puntenaftrek van – 2. toont de HD een opmerkzame bewaking echter zonder blaffen, volgt een aftrek van -5.

3. Vluchtverhindering 20 Punten

a)Commando voor: “Volg” – “Af” – “Stellen” – “Los”.

b)Uitvoering.

Op aanwijzing van de AK vordert de HG de PW uit het verstek. De PW begeeft zich in normale pas naar een gemarkeerd punt.

Op aanwijzing van de AK begeeft de HG zich met zijn vrij volgende HD, naar een gemarkeerd punt voor de vluchtpoging. De HD moet tijdens het volgen opgewekt, opmerkzaam en geconcentreerd tonen en de oefening aan de knie van de HG snel uitvoeren. Voor het commando “Af” moet de HD zonder commando de basispositie innemen. Het commando “Af” moet hij direct en snel aannemen. Daarna moet hij rustig en geconcentreerd op de PW blijven letten. De afstand tussen de HD en de PW bedraagt 5 passen. De HG laat zijn, liggende, bewakende HD achter en begeeft zich naar het verstek, stelt zich zodanig op dat er zicht- contact blijft tussen hem, zijn HD de PW en de AK.

PW vertrek 5 pas

Vluchtrichting

Radius 3 passen

Op aanwijzing van de AK onderneemt de PW een vluchtpoging. Op een gelijktijdig gegeven eenmalig Commando “Stellen” start de HD de verhindering van de vlucht door de PW.

De HD moet zonder te twijfelen, met hoge dominantie, snel,energiek reageren en achtervolgen, met krachtig inbijten en werkzaam verhinderen van de vlucht met rustige beet tot het lossen. Hiertoe mag hij enkel in de beschermde bijtarm bijten. Op aanwijzing van de AK staat de PW stil. Na het staken van de vlucht van de PW moet de HD na een overgangsfase lossen. De HG kan binnen een redelijke tijd, zelfstandig, een commando “Los” geven.

Lost de HD niet op het eerste, geoorloofde, commando, dan kan hij op aanwijzing van de AK twee extra commando’s geven.

Laat de HD na het derde commando niet los, dan volgt diskwalificatie. Tijdens het geven van het commando “Los” dient de HG rustig op zijn plaats te blijven zonder inwerking op de HD. Na het lossen dient de HD dicht bij de PW te blijven en deze opmerkzaam te bewaken.

c. Beoordeling.

Handelingen en/of gedragingen tegen de belangrijke beoordelingscriteria leiden tot punten aftrek. Deze criteria zijn; snel en energiek inbijten met krachtige, volle en rustige beet tot het lossen. Opmerkzaam bewaken dicht bij de PW.

Blijft de HD liggen of heeft de HD binnen 20 passen de vlucht nog niet verijdeld door in te bijten, dan wordt afd. C afgebroken.

Indien de HD de vlucht verijdeld zonder commando van de HG, wordt de oefening met een kwalificatie lager gewaardeerd. Is de HD tijdens de bewakingsfase licht onopmerkzaam of licht hinderlijk t.o.v. de PW, dan wordt er een kwalificatie in mindering gebracht, bewaakt de HD zeer onopmerkzaam of is hij zeer hinderlijk t.o.v. de PW dan wordt een 2e kwalificatie in mindering gebracht. Bewaakt de HD de PW niet maar, blijft wel in zijn buurt, dan wordt er een 3e kwalificatie in mindering gebracht. Verlaat de HD de PW of geeft de HG een commando waardoor de HD bij de PW blijft, dan wordt afd. C afgebroken.

4. Verdediging van de HD uit de bewakingsfase. 35 punten.

a)Commando’s voor “Los” en “Voet of Zit”.

b)Uitvoering.

Na een bewakingsfase van ca 5 sec, onderneemt de PW op aanwijzing van de AK een overval op de HD. De HD moet, zonder inwerking van de HG, door krachtig en energiek inbijten verdedigen. De HD mag daarbij alleen in de bijtarm bijten. De HD is door stokdreiging en opdrijven door de PW te belasten. In de belasting moet bijzonder gelet worden op activiteit en stabiliteit. Tijdens de belasting worden twee stokslagen gegeven. Er mogen enkel stokslagen gegeven worden op de rug en de schouders. De HD moet tijdens de stokslagen onbevangen en zonder zich te laten intimideren gedragen. Gedurende de volledige belastings- fase moet de HD een volle droge beet tonen.

Op aanwijzing van de AK staat de PW stil. Na het staken van het gevecht door de PW moet de HD, na een overgangsfase, lossen. De HG kan een commando voor het lossen, binnen een redelijke tijd, zelfstandig geven. Na het lossen dient de HD dicht bij de PW blijven en deze opmerkzaam te bewaken.

Lost de HD niet op het eerste, geoorloofde, commando, dan kan hij op aanwijzing van de AK twee extra commando’s geven.

Laat de HD na het derde commando niet los, dan volgt diskwalificatie. Tijdens het geven van het commando “Los” dient de HG rustig op zijn plaats te blijven zonder inwerking op de HD. Na het lossen dient de HD dicht bij de PW te blijven en deze opmerkzaam te bewaken.

Op aanwijzing van de AK gaat de HG op normale wijze en in rechte lijn, naar zijn HD. Hij neemt de basispositie in met het commando “Voet of Zit”. De softstok wordt de PW niet afgenomen.

c) Beoordeling.

Handelingen en/of gedragingen tegen de belangrijke beoordelingscriteria leiden tot punten aftrek. Deze criteria zijn; snel en energiek inbijten met krachtige, volle en rustige beet tot het lossen. Opmerkzaam bewaken dicht bij de PW.

Indien de HD de belasting niet doorstaat en zich laat verjagen wordt de afdeling C afgebroken.

Is de HD tijdens de bewakingsfase licht onopmerkzaam of licht hinderlijk t.o.v. de PW, dan wordt er een kwalificatie in mindering gebracht. Bewaakt de HD zeer onopmerkzaam of is hij zeer hinderlijk t.o.v. de PW dan wordt een 2e kwalificatie in mindering gebracht. Bewaakt de HD de PW niet maar, blijft wel in zijn buurt, dan wordt er een 3e kwalificatie in mindering gebracht.

Komt de HD de HG tegemoet wordt de oefening met de kwalificatie “Onvoldoende” beoordeeld. Verlaat de HD de PW voordat de AK de HG opdracht heeft gegeven naar zijn hond te gaan of geeft de HG een commando waardoor de HD bij de PW blijft, dan wordt afd. C afgebroken.

5. Aanval van de HD uit de beweging. 30 punten.

a)Commando voor: “Zit”, “Stellen”, “Los”, “Zit”, “Voet of Volg”.

b)Uitvoering.

Er wordt aan de HG met zijn HD een gemarkeerd punt aangewezen, ter hoogte van het eerste verstek op de middenlijn van het terrein. Het vrij volgen moet de HD opgewekt en opmerkzaam op de HG tonen. Hij volgt daarbij in correcte positie ter hoogte van de linkerknie van de HG. Met het commando “Zit”brengt de HG zijn HD in basispositie. De HD kan aan de halsband vastgehouden worden maar mag niet aangemoedigd worden. Op aanwijzing van de AK komt de met een softstok voorziene PW, in gewone pas, uit een verstek en loopt naar de middenlijn. Dan loopt de PW naar de HG met zijn HD toe, en valt deze onder het uiten van dreigende geluiden en het uitvoeren van, heftige dreigende gebaren, in looppas frontaal aan. Zodra de PW de HG met zijn HD tot op 40 à 30 passen genaderd is, geeft de HG, op aanwijzing van de AK, zijn HD na het commando “Stellen” vrij. De HD moet zonder te aarzelen door energiek en krachtig inbijten de aanval afweren. Hij mag daarbij enkel op de toegelaten plaats bijten.

De HG mag in geen geval zijn plaats verlaten.

Gedurende de volledige belastingsfase moet de HD zich onbevangen tonen en een volle en droge beet tonen. Op aanwijzing van de AK staakt de PW het gevecht. De HD moet na een overgangsfase loslaten. De HG kan binnen een redelijke tijd, zelfstandig, een commando voor het lossen geven.

Lost de HD niet op het eerste, geoorloofde, commando, dan kan hij op aanwijzing van de AK twee extra commando’s geven.

Laat de HD na het derde commando niet los, dan volgt diskwalificatie. Tijdens het geven van het commando “Los” dient de HG rustig op zijn plaats te blijven zonder inwerking op de HD. Na het lossen dient de HD dicht bij de PW te blijven en deze opmerkzaam te bewaken.

Op aanwijzing van de AK gaat de HG op normale wijze en in rechte lijn, naar zijn HD. Hij neemt de basispo- sitie in met het commando “Voet of Zit”. De softstok wordt de PW afgenomen.

Er volgt een zijtransport van de PW naar de AK over een afstand van 20 passen. Een commando voor het volgen is toegestaan.

De HD moet aan de rechterzijde van de PW lopen, zodanig dat de HD tussen de PW en de HG loopt. De HD moet tijdens dit zijtransport de PW opmerkzaam observeren. De HD mag daarbij de PW niet hinderen noch inbijten. Voor de AK wordt halt gehouden, de HG geeft de softstok aan de AK en meld dat afd. C beëindigd is.

Na het afmelden bij de keurmeester verwijdert de geleider zich op aanwijzing van de keurmeester met zijn vrij volgende hond op vijf pas van de pakwerker en neemt de basispositie in. Hij lijnt zijn hond aan en gaat met zijn volgende hond naar de plaats waar afd. C besproken wordt. Ondertussen verlaat de pakwerker op aanwijzing van de keurmeester het veld.

c) Beoordeling.

Handelingen en/of gedragingen tegen de belangrijke beoordelingscriteria leiden tot punten aftrek. Deze criteria zijn; snel en energiek inbijten met krachtige, volle en rustige beet tot het lossen. Opmerkzaam bewaken dicht bij de PW.

Is de HD tijdens de bewakingsfase licht onopmerkzaam of licht hinderlijk t.o.v. de PW, dan wordt er een kwalificatie in mindering gebracht. Bewaakt de HD zeer onopmerkzaam of is hij zeer hinderlijk t.o.v. de PW dan wordt een 2e kwalificatie in mindering gebracht. Bewaakt de HD de PW niet maar, blijft wel in zijn buurt, dan wordt er een 3e kwalificatie in mindering gebracht. Komt de HD de HG tegemoet wordt de oefening met de kwalificatie “Onvoldoende” beoordeeld. Verlaat de HD de PW voordat de AK de HG opdracht heeft gegeven naar zijn hond te gaan of geeft de HG een commando waardoor de HD bij de PW blijft, dan wordt afd. C afgebroken.

Bron: CWH